Corona: wanneer ben je asymptomatisch of presymptomatisch?

maandag, 07 september 2020

De wereld van de infectieziekten kent veel eigenaardige termen die we in het normale Nederlands niet gebruiken. Door COVID-19 verandert onze taal. Zo kennen we nu de woorden 'asymptomatisch' en presymptomatisch'.
Wat betekenen deze termen eigenlijk? Wat is het verschil en waarom is het zo belangrijk in de wereld van COVID-19?

Voordat we uitleggen wat asymptomatisch en presymptomatisch betekent, frissen we je geheugen even op over de druppelinfectie en de COVID-19 symptomen.

COVID-19: Druppelinfectie

COVID-19 is een zogenaamde druppelinfectie: je wordt besmet door druppels die via hoesten en niezen in de lucht komen, binnen anderhalve meter. Als jij deze druppels inademt heet dit: directe transmissie. Overdracht van mens op mens dus.

In veel mindere mate vindt besmetting plaats door indirecte transmissie. Bijvoorbeeld doordat de druppels op deurklinken, lichtknopjes, of andere dingen die je vastpakt zijn gekomen. Dan zit het ook op jouw handen. Je wordt besmet als je vervolgens je mond, neus of ogen aanraakt. Handen wassen dus!

Aerosolen zijn hele kleine druppeltjes die een grotere afstand dan anderhalve meter kunnen overbruggen. Deze druppeltjes komen vrij bij bijvoorbeeld zingen en schreeuwen, of bij medische procedures. Zij vormen maar een heel klein besmettingsrisico.

 

COVID-19: Symptomen

Als je COVID-19 hebt, kun je veel verschillende symptomen hebben. Deze klachten kunnen bestaan uit koorts, luchtwegklachten (hoesten, niezen, keelpijn) en/of maag-darmklachten (diarree).

De laatste tijd zien we iets aparts. We zien steeds vaker dat sommige mensen die geen corona-klachten hebben, tóch positief testen. Waarom adviseert de GGD dan nog steeds om alleen te testen als iemand klachten heeft?

 

Asymptomatisch

Asymptomatisch betekent: geen symptomen. Je hebt dus geen klachten. Je hoest of niest niet en verspreidt dus ook geen 'corona-druppels'.

Regelmatig komt het echter voor dat mensen die geen klachten hebben, zich voor de zekerheid toch hebben laten testen op COVID-19. (Hoe zij aan een test komen is een ander verhaal).
Soms blijken deze mensen positief. Dit zorgt ervoor dat het Nederlandse testbeleid door sommigen in twijfel wordt getrokken. Moeten we niet veel ruimer gaan testen dan we nu al doen?

We weten inmiddels, dat mensen die asymptomatisch COVID-19 doormaken, veel minder besmettelijk zijn voor anderen dan mensen die symptomen (klachten) hebben.
Het is daarom belangrijk dat we juist de hoestende en proestende personen opsporen, omdat zij het meest besmettelijk zijn. Bij elke hoest of nies verspreiden zij vele druppels. Mensen zonder klachten doen dat logischerwijs niet.

 

Presymptomatisch

Het woord zegt eigenlijk al wat hier aan de hand is. Pre = voor, symptomatisch = dat er klachten zijn. Je bent presymptomatisch als je je zonder klachten zou laten testen en binnen 72 uur na afname van de test alsnog klachten ontwikkelt.

 

Besmettelijkheid

Veel infectieziekten zijn al besmettelijk voordat iemand symptomen heeft, dus in de presymptomatische fase. Bijvoorbeeld griep, mazelen en waterpokken. En ook COVID-19.

Precieze gegevens over de besmettelijkheid van COVID-19 ontbreken. Op dit moment gaan we ervanuit dat je twee dagen voor de klachten ontstaan besmettelijk bent. Daarna ben je tijdens de hele ziekteperiode, en tenminste zeven dagen, besmettelijk. Pas wanneer je meer dan 24 uur klachtenvrij bent, ben je niet meer besmettelijk voor anderen.

 

Voorkom verspreiding van het coronavirus

Houd je aan de basisregels:

  • houd anderhalve meter afstand van elkaar;
  • was vaak je handen en hoest en nies in je elleboog;
  • werk zoveel mogelijk thuis;
  • vermijd drukke plekken;
  • blijf thuis bij klachten en laat je testen.
Deel deze pagina
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Contactinformatie