Roken

Aantal keer bekeken: 8697, Laatst gewijzigd: maandag, 22 juli 2019

Roken oorzaak van één op de vijf sterfgevallen in Nederland

Roken is een belangrijke oorzaak van ziekte en sterfte. Zo is in welvarende landen in twintig procent van de sterfgevallen roken de oorzaak. Rokers sterven gemiddeld ruim 4 jaar eerder dan niet-rokers en ze leven 4,5 jaar langer in slechtere gezondheid. Vergeleken met andere Europese landen is het aantal rokers in Nederland gemiddeld. In Hollands Midden rookt 18% van de inwoners, 2,3% van hen is een zware roker en rookt meer dan twintig sigaretten per dag. Het landelijk percentage rokers ligt op 21%.

Leeftijd en geslacht
Gemeenten
Trends
Achtergrondkenmerken
Verdieping

Vooral volwassenen tot dertig jaar roken

Mannen (21%) zijn vaker roker dan vrouwen (15%) en vooral jonge volwassenen tot 30 jaar roken. Over het algemeen neemt het percentage mensen dat rookt af met het ouder worden. Eén op drie inwoners van Hollands Midden heeft in het verleden gerookt, maar is daarmee gestopt.

Roken afbeelding1

Roken afbeelding2

Minder rokers in Oegstgeest, Bodegraven-Reeuwijk en Leiderdorp

In de gemeenten Oegstgeest (12%), Bodegraven-Reeuwijk (13%) en Leiderdorp (14%) is het percentage rokers lager dan in andere gemeenten in Hollands Midden. In Leiden (20%) en Alphen aan den Rijn (21%) is het percentage inwoners dat rookt juist iets hoger. Dit is ook zo in Katwijk, maar daar wijkt het percentage niet significant af van andere gemeenten in de regio .

Roken afbeelding3

Roken neemt af

Tussen 2009 en 2016 is het percentage rokers in Hollands Midden afgenomen van 21% naar 18%.

Hoogopgeleiden steken minst vaak een sigaret op

Van de inwoners van 19 jaar en ouder met een hbo of wo opleiding rookt 13%, dit is een lager percentage dan bij lager opgeleiden. Havo, vwo en mbo opgeleiden zijn het vaakst roker (22% rookt). Vooral bij volwassenen (19 t/m 64 jaar) is het verschil tussen hbo/wo opgeleiden (14%) en lager opgeleiden (ongeveer een kwart) groot. Bij 65-plussers valt het hogere percentage rokers bij inwoners die alleen basisonderwijs volgden op (12% tegenover 10% of 9% bij hoger opgeleiden) .

Geen significante verschillen in etniciteit rokers

Onder inwoners met verschillende (migratie)achtergronden zijn niet significant meer of minder rokers.

Stellen met kinderen minst vaak roker (19 t/m 64)

Eén op de vijf 19 t/m 64 jarigen in Hollands Midden rookt. Meer dan een kwart van de alleenstaanden van 19 t/m 64 jaar (29%) en degenen die bij hun ouders (28%) of met andere volwassenen wonen (29%) is roker. Dit is veel vergeleken met inwoners die met een partner en/of kinderen samen wonen. Het percentage rokers is het laagst bij stellen die samenwonen en kinderen hebben (15%).

Gescheiden 65-plussers relatief vaak roker (65+)

Eén op de tien 65-plussers rookt. 65-plussers die gescheiden zijn of gescheiden leven zijn relatief vaak roker (17%) en ook bij inwoners die niet trouwden is het percentage rokers hoog (14%) vergeleken met gehuwden en weduwen/weduwnaars (9%).

Percentage rokers hoog bij werklozen, arbeidsongeschikten of inwoners die in de bijstand leven (19 t/m 64)

Er zijn verschillen voor het percentage rokers naar werksituatie. Bij inwoners die werkloos of arbeidsongeschikt zijn of in de bijstand zitten is het percentage rokers het hoog (31%) en bij inwoners met betaald werk (19%), huisvrouwen/huismannen (15%) en gepensioneerden (13%) het laagst.

Inwoners die moeite hebben met rondkomen twee keer zo vaak roker

Bij inwoners die moeite hebben met financieel rondkomen is het percentage rokers bijna twee keer zo hoog (31%) als bij inwoners die geen moeite hebben met rondkomen (16%).

Rokers hebben vaker een hoog risico op een angststoornis of depressie, zijn minder vitaal en hebben vaker een slechte ervaren gezondheid

Rokers in Hollands Midden hebben meer dan twee keer zo vaak (11%) een hoog risico op een angststoornis of depressie als niet-rokers (5%) en zijn minder vaak vitaal (78% tegen 83%). Vijf procent van de rokers heeft een slechte ervaren gezondheid, dit is ook vaker dan niet-rokers (3%). Het percentage inwoners met langdurige aandoeningen is onder rokers en niet-rokers in Hollands Midden vergelijkbaar.

Rokers gebruiken naast sigaretten ook vaker andere genotmiddelen

Rokers drinken vergeleken met niet-rokers relatief vaak overmatig (15% tegen 6%) en zijn ook vaker zware drinkers (21% tegen 8%). Inwoners van 19 t/m 64 jaar die roken geven ook vaker aan dat zij in het afgelopen jaar softdrugs (23%) en/of harddrugs (12%) hebben gebruikt dan niet-rokers (3% softdrugs, 2% harddrugs).

Deel deze pagina
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Contactinformatie

  • GGD Hollands Midden (Leiden)

    Parmentierweg 49,
    2316 ZV Leiden
    T 088 - 308 30 00
    E-mail: info@ggdhm.nl

    GGD Hollands Midden (Gouda)

    Thorbeckelaan 5
    2805 CA Gouda
    T 088 - 308 32 00
    E-mail: info@ggdhm.nl